• Zaterdag 29 augustus 2020 was een bijzondere dag, nooit eerder was op die datum La Grande Boucle van start gegaan. Een historische dag ook dus. En dat allemaal vanwege dat virus dat de wereld nu al bijna een jaar in zijn greep heeft. Voorlopig zijn we er waarschijnlijk nog niet vanaf en dus maken we er maar het beste van.
     
    Het was ook de dag waarop het zesde na bijna een halfjaar wedstrijdloos te zijn geweest weer eens de wei in mochten. De spanning en het plezier waren van de gezichten af te lezen. De spanning had niet zozeer te maken met angst voor de tegenstander, maar veel meer met de angst voor de spieren. Zouden die de druk van een anderhalf uur rennen en draaien en wenden wel aankunnen. Die angst kwam temeer, omdat Otti de donderdag ervoor een blessure aan zijn hamstring had opgelopen. En als dat op de ‘training’ al kan gebeuren, hoe gaat dat dan in een wedstrijd waarin de spanning op de spieren een veelvoud bereikt ten opzichte van de donderdag. In de nabeschouwing kunnen we melden dat spieren het gelukkig goed hebben gehouden.
     
    Wel waren er wat klachten over de rug bij deze of gene oude man, maar dat was volledig toe te schrijven aan de belabberde demping van het kunstgrasveld waarop de mannen hun kunsten mochten vertonen.
     
    De weg naar de wedstrijd toe was weer zoals u van het zesde inmiddels gewend bent. De zoektocht naar de befaamde sleutels was al twee weken geleden in gang gezet, maar noch de Plisie noch Bobbie (die in hun dagelijkse routine toch menig speurwerk succesvol afronden) konden er de vinger achter krijgen waar de bos met groen koord van Het Notarieel waren gebleven. Gelukkig heeft Addie een onmetelijk grote sleutelbos en dus gaf hij toegang tot de broodnodige spullen.
     
    De zoektocht naar een selectie van voldoende omvang verliep aanvankelijk een stuk soepeler, toch bleef uiteindelijk na wat kinken in de kabel slechts een groep van 12 man over. Dat was nogal krap gezien de lange periode waarin niet of nauwelijks tegen een val getrapt was.
    Maar goed, 12 is beter dan 11 in dit geval en dus werd de reis naar Heerde ingezet.
     
    Vanwege het eerder genoemde virus kreeg het zesde twee kleedkamers toegewezen en hadden ze dus alle ruime om zich rustig voor te bereiden.
    Vanuit het niets stak er een gigantische felle gele gloed op in de kleedkamer, waardoor de spelers compleet verblind werden. Radeloos vluchtten ze de kleedkamer uit, behalve de Buurman. Die bleef stoïcijns zitten op het bankje, hij had dit thuis al eerder doorgemaakt en wist wat er komen ging.
    Hij had de tas met shirts geopend en daaruit kwamen fonkelnieuwe shirts voor het zesde. Ze zagen er prachtig uit, dat mag gezegd. De komende tijd lopen ze niet meer voor joker met shirts die van ellende uit elkaar vallen.
     
    De nieuwe shirts gaven het team meteen vleugels. Het was net alsof er geen COVID-19 stop geweest was en ze nog gewoon in hun gebruikelijke ritme zaten. Het balletje ging weer rond als nooit te voren en de druk die SEH 3 probeerde te genereren werd steeds simpel voetballend omspeelt.
    Het zesde was in de eerste fase van de wedstrijd heer en meester. Bobbie en Bassie gingen als de brandweer op de flanken, Ono hield drie Man bezig in de spits en Eitje, Klasie en Wessie deelden de lakens uit op het middenveld. Achterin zorgden Kolkie, Broens, Paulus en de Plisie voor het slot op de deur en als er toch eens een verdwaalde heerdenaar door de linies brak, stond op goal nog Henkie om de tegenaanval onschadelijk te maken.
     
    De druk werd door het zesde opgevoerd en er ontstond een fase waarin de ene corner na de andere werd afgedwongen. Klasie werd moe van het heen en weer lopen van cornervlag naar cornervlag.
    Broens probeerde het nog op een akkoordje te gooien met de scheids en vroeg of we niet konden doen drie corners is penalty. Zo ging het vroeger op de pleintjes ook.
    Maar de keurig fluitende scheidsrechter wilde daar niet aan, begrijpelijk uiteraard. Als de bonzen van de KNVB daar lucht zouden krijgen dan was zijn eerst volgende wedstrijd waarschijnlijk in Siberië, als ie geluk had.
     
    Het plan van Broens werd dus helaas al de nek omgedraaid voordat de derde corner een feit wat, maar toen dat wel zo was. Was het wel meteen driemaal is scheepsrecht.
    De bal werd bij de tweede paal ingekopt, maar de keeper wist de bal nog net weg te boksen.
    Alleen bokste die de bal panklaar voor de voeten van Paulus en die bedacht zich geen moment en volleerde de bal strak onderin de hoek. De keeper kon niets anders doen dan de rubberkorrels van zijn tenue vegen en de bal achteruit het net vissen.
    Ik snap uw verbazing bij het lezen van de regels hierboven, want Paulus blinkt doorgaans niet uit in technische hoogstandjes. Maar deze dag voelde hij zich sterk, eigenlijk al vanaf donderdagavond. Tijdens de training had hij zijn maatje Bassie namelijk een panna cadeau gedaan van Neymariaanse klasse en dat gevoel had hij meegenomen in de behandeling van deze bal. Zijn medespelers stonden met ongeloof in de ogen te applaudisseren.
     
    Het zesde zat lekker in de wedstrijd, maar toch kon je soms merken dat er lange tijd geen wedstrijden meer waren gespeeld. Soms werd heel knullig balverlies geleden, waardoor SEH gevaarlijk kon worden. En zo geschiedde een minuut of tien na de openingstreffer.
    Op het middenveld werd de bal tekort terug gespeeld, waardoor SEH in balbezit kon komen en hoewel er nog mogelijkheden genoeg waren om de tegenstander af te stoppen lukte dat niet. En zo stond het ineens weer gelijk. 
    En voordat het zesde hiervan goed en wel bekomen was lag de bal alweer achter Henkie en stonden ze ineens tegen een achterstand aan te kijken. Terwijl het zesde toch echt het betere van het spel had.
     
    Onder het genot van een bakkie ranja, de mannen van het zesde zien er nogal jeugdig uit en dus had de theecommissie gedacht dat het hier om een jeugdteam ging, deelde Otti ff de lakens uit en besloot dat Paulus ff rust mocht nemen. Die gedrukte volley had de nodige krachten gekost en dus kon hij even op adem komen.
    Bobbie mocht douchen, want die had op last van Wendy de restrictie meegekregen om maar één helft te spelen, anders zou hij weer half krang op een verjaardagsfeestje verschijnen en dat kan natuurlijk niet altijd het geval zijn. Bovendien hoefde ze dan eens niet de Verwendy in te zetten. Voor haar ook weleens fijn!
    Vlo kwam hem aflossen, waardoor Wessie zielig en alleen op de linkervleugel terecht kwam. Hij kreeg (in zijn beleving) geen bal meer, terwijl hij het team zo graag naar succes wilde leiden. Hij droeg de aanvoerdersband met verve, maar aan zijn spel was wel te zien dat die extra rol toch als een loden last aan zijn linkerarm bungelde.
     
    De ranja was blijkbaar niet helemaal lekker gevallen bij de mannen van het zesde, want na de rust was de organisatie van voor de rust ver te zoeken en echt lekker kwamen ze niet meer in hun spel en de krachten vloeiden ook al snel weg.
    SEH nam het heft in handen, het mag gezegd, zij hadden een half team verse krachten ingebracht en de gemiddelde leeftijd van de tegenstander lag ook zeker tien tot vijftien jaar lager dan die van de geelblauwen.
    In ieder geval was het wedstrijdbeeld volledig omgedraaid en nu moesten de geelblauwen achter de wit-blauwen aan in plaats van andersom. De ruimtes werden steeds groter en steeds moeilijker te belopen voor de hattemers en niet lang na rust lag voor de derde keer de bal achter Henkie.
    Toch richtte het zesde zich weer op, ze hadden geen zin om zich zonder slag of stoot naar de slachtbank te laten leiden.
    En na een smerige overtreding van de aanvoerder van SEH kende de scheids een vrije bal toe op de rand van de zestien. Ono wist hier wel raad mee en wist de Buurman daarvan te overtuigen. Hij lepelde de bal vakkundig over de muur en richting goal, maar naar eigen zeggen ging de bal niet ver genoeg richting hoek en dus kon de keeper de bal keren. Dit deed hij niet heel vakkundig waardoor de bal bij Bassie voor de voeten viel en hij wist wel raad met dit buitenkansje. Op de schoenen van de Buurman, Bassie was zelf in de eerste helft letterlijk naast zijn schoenen gaan lopen en mocht op het reserve paar van de Buurman verder, schoot hij de 3-2 binnen.
     
    Even leek het tij zich weer te keren, want niet veel later was het weer Bassie die de bal per toeval voor zijn voeten zag vallen. Dit keer brachten de schoenen van de Buurman hem echter wat minder geluk.
    Het zesde ging va-banque op zoek naar eer herstel, maar kreeg het lid flink op de neus.
    Door het massale gedraaf naar voren lag de weg richting Henkie volledig open voor de heerdenaren en die wisten daar wel raad mee. Met twee prachtige afstandsschoten lieten zij Henkie ‘kansloos’ en was het lot van het zesde bezegeld.
     
    De vreugde van weer een wedstrijd te hebben gespeeld was groot, maar de teleurstelling van het verlies ook. Toch zagen de mannen van het zesde nog een lichtpuntje, want na deze uitslag was verder gaan in de beker al haast uitgesloten en dat is met een competitieschema van 26 wedstrijden een welkome bijzaak.
     
    En tot slot kon er alsnog een vreugdedans worden ingezet, want Skuurtie had in de kelder de sleutelbos gevonden en daarmee was ook die zaak gesloten.
     
    Komende zaterdag spelen de mannen thuis tegen WHC 4.